Deel Advies

Fiscale plannen van het nieuwe kabinet

Op 30 januari 2026 publiceerde de nieuwe regering haar coalitie- en regeerakkoord. Hierin staan diverse fiscale plannen die relevant zijn voor de zorgsector. Denk onder meer aan de verlaging van het overdrachtsbelastingtarief voor woningen en ontwikkelingen binnen de loonheffingen, zoals nieuwe wetgeving rondom zelfstandigen en wijzigingen in de werkkostenregeling.

Op 30 januari 2026 maakte de nieuwe regering haar fiscale plannen bekend. In de op 27 maart 2026 gepubliceerde voorjaarsnota 2026 worden deze plannen (deels) herhaald. Hierna beschrijven we een aantal fiscale plannen op hoofdlijnen.

Overdrachtsbelasting

  • Voor de aankoop van bestaande woningen (ouder dan twee jaar) waarin de koper niet zelf gaat wonen (bijvoorbeeld een zorgcomplex of aanleunwoningen voor verhuur) wordt het overdrachtsbelastingtarief verlaagd van 8% (in 2026) naar 7% (in 2027).

Btw

  • Voor de btw zijn geen ingrijpende wijzigingen aangekondigd. Wel is aangekondigd dat het btw-tarief op sierteeltproducten (bloemen, planten e.d.) per 2028 zal stijgen van 9% naar 21% btw.

Vennootschapsbelasting

  • Het tarief voor de vennootschapsbelasting blijft ongewijzigd.
  • Voor zover uw instelling belastingplichtig is voor de vennootschapsbelasting: de regeling van de fiscale subsidies (energie-investeringsaftrek EIA, milieu-investeringsaftrek MIA en willekeurige afschrijving milieu-investeringen VAMIL) worden mogelijk samengevoegd tot één investeringsregeling.

Loonheffingen

  • Van burgers en bedrijven (werkgevers) wordt een zogenoemde vrijheidsbijdrage gevraagd. Voor burgers wordt dit een aanvullende heffing in de inkomstenbelasting en voor bedrijven een taakstellende verhoging van de premie voor het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Aof).
  • Er wordt nog steeds gewerkt aan nieuwe wetgeving die de inzet van zelfstandigen (zzp’ers) regelt. Het is de wens om de conceptwet Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties (Vbar) op te splitsen in twee delen. Het arbeidsrechtelijk deel, met daarin het rechtsvermoeden van werknemerschap, blijft gehandhaafd. Het resterende deel van de Vbar, het loonheffingendeel, moet worden vervangen door de Zelfstandigenwet.
  • Daarnaast worden kleine wijzigingen in de werkkostenregeling voorgesteld, zoals ruimte voor werknemersparticipaties of hulp bij het aflossen van een studieschuld. De nieuwe regering heeft de intentie om de werkkostenregeling te vereenvoudigen.

De komende periode zal blijken hoe de plannen verder worden uitgewerkt en wat dit concreet betekent voor de zorgsector. De voorgestelde maatregelen moeten bovendien nog het reguliere wetgevingsproces doorlopen. Wij volgen de ontwikkelingen en houden u op de hoogte. Heeft u vragen over de mogelijke impact voor uw organisatie, neem dan gerust contact met ons op.